De geschiedenis van botox

Anno 2022 is de populariteit van botox misschien wel groter dan het ooit is geweest. Of je al wel eens een cosmetische behandeling hebt ondergaan of niet, botox is voor niemand meer een onbekend begrip. Maar hoe is dit ‘wondermiddel’ eigenlijk ontstaan? Ja, je leest het goed… aan deze term gaat nogal een lange historie vooraf die al laat in de jaren 1700 is begonnen. Betekent dit dat onze voorouders ook al een spuitje namen hier en daar? Je leest het in dit artikel.

Botulisme en Justinus Kerner

Op deze laatste vraag is het antwoord simpel: nee, dat deden onze voorouders niet. De ontwikkeling van botox, zoals we dat nu kennen, kwam als zoveel geneesmiddelen uit de natuur. Het begon bij de ziekte botulisme. Eind 1700 was botulisme een ziekte die werd veroorzaakt door voedsel dat was besmet met de bacterie botulinetoxine. De voornaamste bron waren bloedworsten. Vandaar de term ´botulus´, Latijn voor ´worst´. De Duitse arts en dichter Justinus Kerner, onderzocht dit uitgebreid. In 1817 en 1820 publiceerde hij zijn eerste casestudy over de botulinetoxine, waarin hij de symptomen van het gif beschreef. Hij stelde bovendien dat de toxine te gebruiken was voor therapeutische doeleinden, zoals het behandelen van bewegingsstoornissen en het verminderen van zweet.

Bacillus Botulinus

De Belgische microbioloog Emile van Ermengem was de eerste die aantoonde dat bepaalde micro-organismen ziekten bij dieren konden veroorzaken. In 1895 vond er een uitbraak van botulisme plaats in een dorpje in België. Van Ermengem legde de link tussen botulisme en de bacterie die werd aangetroffen in het besmette vlees en gaf het de naam Bacillus Botulinus. Later werd er in tijden van oorlog gedacht dat toxines een ideaal wapen waren. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bijvoorbeeld richtte de Amerikaanse National Academy of Sciences een laboratorium op voor onderzoek naar gevaarlijke besmettelijke bacteriën en toxines die in oorlog zouden kunnen worden gebruikt.

Ontstaan van botox voor medische doeleinden

In 1972 maakte de Amerikaanse president Nixon een einde aan al het onderzoek naar bacteriën en toxines voor gebruik in oorlog. Maar het onderzoek naar toxines voor medicinaal gebruik werd voortgezet aan de Universiteit van Wisconsin. Vanwege de positieve effecten bij gebruik in kleine hoeveelheden produceerde de Amerikaanse biochemicus Edward Schantz in 1979 een partij botulinetoxine type A voor gebruik bij mensen. Vervolgens kreeg hij toestemming om botulinetoxine te injecteren bij vrijwilligers om hyperactieve spieren bij scheelzien te behandelen. Tot op de dag van vandaag wordt het middel gebruikt in de oogheelkunde en neurologie voor verschillende aandoeningen. In 1987 constateerde oogarts Dr. Carruthers bij toeval dat ook de fronsrimpels konden verdwijnen na het gebruik van botulinetoxine A. Hiermee bracht zij een revolutie teweeg op het gebied van de cosmetiek.

Botox in de neurologie

Terwijl oogartsen over de hele wereld met het middel aan de slag gingen, begonnen andere specialisten hun eigen onderzoek naar het gebruik van botulinetoxine. Zo kwamen neurologen erachter dat injecties met dit middel effectief zouden zijn om trillingen en spasmen in het gezicht en lichaam te corrigeren. In 1989 werd het middel goedgekeurd om verschillende aandoeningen mee te behandelen. Tegenwoordig wordt botox nog steeds gebruikt in de neurologie, voor bijvoorbeeld migraine, pijnsyndromen en hersenverlamming bij kinderen.

‘Wondermiddel’

Sinds de jaren negentig is botox vooral bekend als een middel voor cosmetische verbetering. Ooit begonnen als gevaarlijke toxine in voedsel en later ontwikkeld tot een van de meest veelzijdige geneesmiddelen voor de behandeling van menselijke ziekten in de oogheelkunde, neurologie en dermatologie. En zoals we het nu natuurlijk kennen, is het middel ontzettend populair als cosmetisch geneesmiddel. We kunnen dus wel degelijk spreken van een ‘wondermiddel’.